Alles over domeinnamen

Een domeinnaam is in feite niet meer dan een aanduiding van een locatie op het internet. Anders gezegd: Een domeinnaam is de unieke aanduiding voor een internetadres. Een domeinnaam kan worden gebruikt voor alle internetdiensten, zoals de URL van een website of een e-mailadres. Een domeinnaam op internet is het beste te vergelijken met een telefoonnummer. Net als bij een telefoonaansluiting heeft ook iedere gebruiker van internet een uniek nummer. Omdat woorden gemakkelijker te onthouden zijn, is ervoor gekozen deze nummers te vertalen naar namen. Die namen worden weer terugvertaald naar nummers. Zo verwijst de naam www.sidn.nl naar het nummer 193.176.144.146. Er kunnen meer namen naar hetzelfde nummer verwijzen (en vice versa). Een domeinnaam wordt verkregen bij een nationale organisatie (b.v. .nl, .be, .de) of bij een internationale organisatie (b.v. voor een .com, .edu).

Domain Name System (DNS)

DNS staat voor Domain Name System: een wereldwijd, gedistribueerde database en protocol. Elke machine op het internet heeft een IP-adres. Om contact te leggen met een machine moet je het IP-adres van de betreffende machine kennen. IP-adressen worden genoteerd als vier door punten gescheiden getallen en zijn hierdoor lastiger te onthouden dan namen. Daarom is het zinvol om ieder IP-adres met een symbolische naam te associëren. Namen werden niet alleen op (de voorlopers van) het internet gebruikt, maar ook op andere netwerken. Halverwege de jaren tachtig was het echter niet langer vol te houden om alle namen die voorkwamen op het internet in één database bij te houden. Al gauw bleek dat het onbegonnen werk was om miljoenen namen wereldwijd te coördineren en uniek te houden. Daarom werd een hiërarchisch systeem voor naamgeving ontworpen: het Domain Name System (DNS). In de database worden de domeinnamen opgenomen op basis van extensies: de Top Level Domains (TLD’s).

Top Level Domain

Een Top Level Domain (TLD) is het meest rechtse deel in de naam. Als dit deel van de tenaamstelling verwijst naar een land, bijvoorbeeld .nl voor Nederland, dan spreken we van country code Top Level Domain (ccTLD). Wanneer de code achter de punt functioneert als algemene aanduiding die geen verband houdt met enig land, bijvoorbeeld .com, dan spreken we van een generic Top Level Domain (gTLD). Op basis van het Top Level Domein wordt het internetverkeer gesorteerd en kan het sneller worden afgehandeld.

De online wereld werd in 2011 bepaald door zo’n 270 top level domeinen (TLD’s). Het merendeel hiervan, zo’n 250, zijn country code TLD’s (ccTLD’s) zoals .nl (Nederland) en .de (Duitsland). Daarnaast zijn er zo'n 22 generieke TLD’s, zoals .com, .info en .org. Dit bestaande systeem gaat in 2012 veranderen. Op 20 juni 2011 heeft ICANN besloten dat bedrijven en organisaties in 2012 een eigen extensie op het internet kunnen aanvragen, zoals .amsterdam of .heineken.

Generieke top level domeinen

  • .AERO voor de luchtvaart
  • .ARPA voor de infrastructuur van het internet
  • .ASIA voor de Aziatische gemeenschap
  • .BIZ voor zakelijke toepassingen
  • .CAT voor de Catalaanse gemeenschap
  • .COM voor commerciële instellingen
  • .COOP voor cooperatieve instellingen
  • .EDU voor onderwijsinstellingen
  • .GOV voor instellingen van de overheid van de Verenigde Staten
  • .INFO voor informatie
  • .INT voor instellingen die voortkomen uit internationale verdragen
  • .JOBS voor human resource managers
  • .MIL voor onderdelen van het Amerikaanse leger
  • .MOBI voor providers en gebruikers van mobiele diensten
  • .MUSEUM voor musea
  • .NAME voorn amen van individuen
  • .NET netwerk, aanbieders
  • .ORG voor organisaties
  • .POST voor posterijen
  • .PRO voor geregistreerde beroepsgroepen en gerelateerde activiteiten
  • .TEL om contact gegevens van individuen en organisaties te publiceren
  • .TRAVEL voor de reisindustrie
  • .XXX voor pornografie

Een aantal van deze TLD’s zijn niet vrij verkrijgbaar. Ze worden alleen aan organisaties verstrekt wiens activiteiten stroken met het doel van de domeinnaam. De .net, .org, .biz en .info namen die tegenwoordig wel vrij vergeven worden, hebben zich in de loop van de tijd ontwikkeld tot namen voor algemeen commercieel gebruik. Vaak worden ze als alternatief gebruikt voor de .com naam als deze al weg is.

ICANN stelde in 2003 de overige, 'gesponsorde' top level domeinnamen in om specifieke groepen een eigen domeinextensie te kunnen laten krijgen. Voorbeelden daarvan zijn de domeinen .aero, voor de luchtvaart, en .museum. Het beheer en de exploitatie zijn in handen van brancheorganisaties. Veel top level domeinnamen kunnen alleen geregistreerd worden bij officiële ICANN registrars en hun resellers. Een lijst met officiële registrars is te vinden op internic.net.

Landen top level domeinen (ccTLD’s)

Voorbeelden van landencode top level domeinen zijn: .nl (Nederland), .de (Duitsland), .be (België) en .ch (Zwitserland). Er bestaat een groot aantal landencodes. Elk land heeft zijn eigen domein, 252 in totaal. Oorspronkelijk waren deze 'country codes' bedoeld voor gebruik door lokaal actieve bedrijven en personen. Tegenwoordig zijn ze soms ook voor in het buitenland gevestigde bedrijven of personen verkrijgbaar. Erg populaire extensies in Nederland zijn .nu (Niue), .tk (Tokelau) en .tv (Tuvalu), de namen van kleine eilandjes in de Stille Oceaan.

Aantal nl-domeinen

In de beginperiode van .nl was het zeker niet dringen geblazen. De eerste twee jaar registreerde Piet Beertema 87 namen, vooral van wetenschappelijke instellingen en technische bedrijven, zoals Philips. In heel 1989 kwam daar slechts één naam bij en in 1990 nog eens vijf. Tot 1993 groeide het aantal .nl-namen jaarlijks met zo’n vijftig stuks. Daarna zette de groei pas echt door! In 2005 groeide .nl bijvoorbeeld met 400.000 internetadressen, van zo’n 1,3 naar 1,7 miljoen. In augustus 2006 wordt de mijlpaal van 2 miljoen bereikt en in 2010 werd de 4 miljoen overschreden. De teller stond in mei 2011 op ruim 4,4 miljoen actieve domeinnamen en is daarmee het op twee na grootste landendomein ter wereld. In januari 2016 staat de teller op 5,6 miljoen.  Bron: SIDN

Domein extensie voor Europa

Eind 2005 werd de .eu domeinnaam geïntroduceerd. Dit was oorspronkelijk veel eerder gepland. De Europese Commissie maakte in 2003 al bekend dat zij het EURid consortium gekozen heeft als beheerder van het .eu top level domein. EURid is een Belgisch, Italiaans en Zweeds samenwerkingsverband, dat in juni 2005 begonnen is met het accrediteren van registrars voor het .eu-domein. De .eu-domeinnamen kunnen niet rechtstreeks bij EURid aangevraagd worden. Dit dient te gebeuren via een zogenaamde 'geaccrediteerde registrar', een hostingprovider bijvoorbeeld. In de regels voor registratie van de .eu-domeinnaam is vastgelegd dat bepaalde namen met voorrang konden worden aangevraagd. In de eerste fase alleen voor houders van geregistreerde merken, daarna eigenaren van bedrijfsnamen of handelsnamen. Na de eerste twee fasen op 7 april 2006 ging het register voor alle overige namen open (vrije registratie) Het Nederlandse hostingbedrijf Alphamega Hosting was naar eigen zeggen de eerste officieel erkende .eu-registrar van de wereld!

Domein extensie voor Azië

In oktober 2007 werd de domeinnaam .asia geïntroduceerd, bedoeld voor bedrijven met belangen in Azië.

Second Level Domain

SLD staat voor Second Level Domain. Het is een naam die de aanvrager zelf kiest. Hij staat vóór de TLD. Dit woord wordt ook wel de organisatiedomeinnaam genoemd. Vaak wordt hiervoor de naam van de organisatie of het bedrijf gekozen (bijvoorbeeld philips.nl, atag.nl), maar dat hoeft niet. Bij bencom.nl is bencom de SLD en .nl de TLD. Alles wat vóór de SLD staat, verwijst naar domeinen binnen de organisatie. In bijvoorbeeld student.rug.nl is .nl het topleveldomein, .rug het organisatiedomein en verwijst .student naar een domein binnen de Rijksuniversiteit Groningen. De domeinnamen vóór de organisatiedomeinnaam heten subdomeinnamen. Deze toevoegingen gebruikt men dus om de adressering te specificeren. Ook kan men na de land- of generieke code de adressering specificeren (slashteken / toevoegen), bijvoorbeeld bencom.nl/nieuws. Een domeinnaam is uniek. Zo is er bijvoorbeeld maar één .nl- domein, één internetten.nl en één www.internetten.nl.

Beheer domeinnaamstelsel

Het internationale registratiesysteem van Internet-domeinnamen is in handen van de Internet Corporation for Assigned Names and Numbers (ICANN). Dit is een non-profitorganisatie die gevestigd is in de Amerikaanse staat California. In 1986 kreeg het Centrum voor Wiskunde en Informatica van de Universiteit van Amsterdam de bevoegdheid om domeinnamen uit te geven voor wat betreft het top level domein .nl. Nederland was het eerste land waaraan officieel een top level domeinnaam werd gedelegeerd! In 1996 is de bevoegdheid overgedragen aan de Stichting Internet Domeinregistratie Nederland (SIDN), omdat de domeinnaamuitgifte te omvangrijk werd voor het Centrum. De Stichting verdeelt alleen namen met het toplevel .nl. Op 19 december 2003 werd door de SIDN de 1.000.000ste domeinnaam geregistreerd.

Geactualiseerd: 21-01-2016